Geschiedenis

Over Rozenburg
Voetbalvereniging Rozenburg dscn9362_11(heeft circa 750 leden en een rijke historie. In het dorp Rozenburg tegenwoordig deelgemeente van Rotterdam) is de v.v. Rozenburg de grootste vereniging die niet alleen ontspanning brengt voor actieve leden maar mag het eerste elftal zich ook verheugen op een grote supportersschare die bij de thuiswedstrijden van ons eerste elftal de club komen aanmoedigen en daardoor van onschatbare waarde is voor de passieve sport in het dorp aan de Waterweg.Rozenburg heeft vier velden, waarvan één kunstgrasveld, en een trainingsveld. Het hoofdveld, veld 3 en het kunstgrasveld hebben verlichting. De kleedkamers, kantine, sponsorhome en bestuurskamer zijn onder gebracht in één gebouw met een prachtig terras waar vanaf de verrichtingen op het hoofdveld uitstekend te volgen zijn. Ook heeft het hoofdveld een overdekte tribune met 350 zitplaatsen.Maar liefst 11 jaar speelden de Rood Gelen op het hoogste niveau van Nederland. Maar voor het zover was moest er een lange weg worden afgelegd. Een stukje van die historie kunt u hieronder lezen.
Het begin
De rijke historie van Rozenburg begint in 1931. Het is dan in Nederland crisistijd en ook op het eiland Rozenburg betekent dat veel werkeloosheid. Omdat er niet veel werk is wordt er regelmatig op door-de-weekse dagen tegen een bal geschopt en zo ontstaat het idee om een vereniging op te richten. In café “Dijkzicht” wordt op 20 mei 1931 dan uiteindelijk v.v. Rozenburg opgericht.

Janus Kleiwegt

Toen heten het nog RVV. Piet Boer is de grote gangmaker en hij wordt dan ook de 1e secretaris. Janus Kleijwegt heeft ook een taak, maar in ieder geval zorgt hij voor de eerste echte lederen bal. De tenue kleuren waren wit shirt met rode kraag maar daar weet Leen van Vliet, na een paar jaar, verandering in te brengen. Hij kijkt vaak bij Fortuna Vlaardingen en weet de Rozenburgers er van te overtuigen rood geel gestreept een veel mooier shirt is. De eerste trainer van Rozenburg is Jan Pols hij was afkomstig van MAAS uit Maassluis. De wedstrijden worden gespeeld op het veld aan “de Kolenpad”. In de eerste jaren is de familie Boer met drie boers, Piet, Cees en Jaap sterk in het eerste team van Rozenburg vertegenwoordigd. Ook in die tijd was er de eerste niet Rozenburger die in het eerste elftal speelde. Wim van der Veer uit Zuidland . Hij was werkzaam bij de firma Morree en voetbalde op zaterdag bij Rozenburg en op zondag thuis bij Zuidland.Tijdens de wedstrijden aan “de Kolenpad” was er altijd veel publiek. Leuk was wel dat voor er gespeeld kon worden het vee nog naar de hokken moest worden gebracht. In de loop van 1932 komen er ook junioren in actie. In het eerste jeugd-team zitten ook spelertjes die later een toonaangevende rol gaan spelen in de geschiedenis van Rozenburg. Jan en Daan Weeda, Henk Benschop en Janus Vark. Tot 1936 speelt Rozenburg niet in competitie verband daarna wordt er gestreden in de ZAC (Zaterdag Amateur Competitie) en komen er wedstrijden tegen HVV uit Hoogvliet, MVV’27 uit Maassluis, HVO uit Vlaardingen en FSC uit Schiedam. Tot de oorlog uitbreekt speelt Rozenburg met wisselend succes. Tijdens de oorlog kan er natuurlijk ook in Rozenburg niet worden gevoetbald. Maar na de oorlog wordt de draad weer opgepakt en speelt Rozenburg in het seizoen 1946 – 1947 in de 3e klasse van de toenmalige RVB. Inmiddels is Ton Aberson naar Rozenburg gekomen en verdedigd het doel. De van Sportlust ’46 afkomstige doelman verzorgt ook de trainingen. In dat eerste jaar na de oorlog wordt Rozenburg kampioen. En ook de jaren daarna speelt Rozenburg vaak een rol van betekenis.

Een aantal jaren moet Rozenburg in de na-competitie spelen voor promotie. Het lukte de Rood Gelen telkens net niet. Het ene jaar was Barendrecht te sterk het jaar daarop waren de Zwervers uit Rotterdam die uiteindelijk de promotie in de wacht sleepten en in 1955 was her RSM uit Rotterdam die de Rozenburgers het voetje dwars zetten. Weer geen promotie maar Rozenburg speelt in die jaren niet slecht en was er steeds dicht bij. Wat jaren achtereen niet lukte in het seizoen 1956 – 1957 Rozenburg wel. Onder leiding van de nieuwe trainer Izaäk Broekhart werd in dat seizoen de 1e klasse van de RVB bereikt. Het was niet het laatste succes voor trainer Broekhart. Ook in het seizoen 1958 – 1959 was Rozenburg kampioen en promoveerde het via de nacompetitie naar de KNVB. Al zou in 1963 weer een stapje terug moeten doen en degradeert het weer naar de afdeling Rotterdam. Met de komst van de industrie rondom Rozenburg verandert er ook wat bij de voetbalvereniging. Voetballers uit andere delen van het land komen voor hun werk naar de Botlek en later de Europoort en vinden in Rozenburg een woning.  Gerrit Hecker was één van de eerste die Rozenburg vanuit het hoge noorden kwam versterken. Er zouden er later nog meer volgen. De voetbalvereniging wordt snel groter en promoveert in 1965 opnieuw naar de KNVB. Ook het dorp Rozenburg groeit en in 1967 moet de voetbalvereniging verhuizen en wordt het nieuwe complex aan de Laan van Nieuw Blankenburg in gebruik genomen. Het complex waar de voetbalvereniging Blankenburg nog steeds speelt. Sportief gezien zijn er wisselende successen en bij de jeugd groeit langzaam de “Gouden Generatie” waardoor Rozenburg op de voetballandkaart wordt gezet, landelijke bekendheid krijgt en uiteindelijk op het aller hoogste (zaterdag) Amateurniveau van Nederland zal gaan spelen.

De Gouden Generatie

In Rozenburg wordt nog altijd met respect over “De Gouden Generatie” gesproken. Het elftal waarmee Rozenburg 1987, onderleiding van de toenmalige trainer Ferry Groeneweg, de 1e klasse bereikte. In die periode het hoogste (zaterdag)amateurniveau van Nederland. Voor veel Rozenburgers zal de herinnering aan Arnemuiden waar Rozenburg door een 0-2 overwinning kampioen van de 2e klasse werd, en het walhalla van het amateurvoetbal mocht betreden, voor altijd in het geheugen gegrift staan. Rinus de Nooijer, Henri Hecker, Francis Janse, Kees Teuben, Rinus de Bil, Bart Lievaart, Leen van Es en Huibert Degeling spelen dan al een aantal jaren samen. Maar ook spelers als Ment de Jong, Henk-Jan van der Gaag en Peter van Bilsen zijn dan inmiddels in die ploeg van de “Gouden Generatie” toegetreden.

De grote vraag in 1987 was natuurlijk of dat team in staat zou zijn om zich te meten met de gevestigde namen uit de top van het amateurvoetbal. Op sportpark West zouden immers ploegen als Noordwijk, Spakenburg, Quick Boys en IJselmeervogels op bezoek komen. Maar moesten de Rozenburgers ook vere uitwedstrijden spelen en naar Oranje Wit (Groningen) Broeksters Boys (Damwoude Friesland) en ACV (Assen) afreizen. Een ploeg dus met louter Rozenburgers in hun midden zou het dat eerste seizoen moeilijk krijgen maar wist zich desondanks toch met enige trots te handhaven.

Vooral in het begin van de competitie 1987/1988 waarin Rozenburg in de 1e klasse A uit kwam was het voor de Rozenburgers aanpassen. Het verschil met de 2e klasse was toch wel groot. In de eerste wedstrijd kwam al gelijk Noordwijk op bezoek en met zo,n kleine 1000 bezoekers langs de lijn keken de Rood Gelen na een uurtje spelen tegen met 0-2 achterstand aan. Rozenburg wist terug te komen dat wel, door doelpunten van Paul Klop en Peter van Bilsen, tot 2-2. Maar toch zou Rozenburg geen punt uit deze eerste wedstrijd op het hoogste niveau overhouden. Noordwijk zou in de slotfase nog één keer scoren en daardoor de volle winst naar zich toetrekken. Op dat eerste puntje moest Rozenburg wachten tot de 5e wedstrijddag. Maar toen werd er ook een “Huzarenstukje” uitgehaald. Tegen Quick Boys, op sportpark West, werd dat eerste puntje behaald. De uitslag stond al in de rust op het scorebord 1-1. Voor Rozenburg was Henk-Jan van der Gaag de doelpuntenmaker. Rozenburg zou na dit eerste succesje regelmatig haar puntjes gaan pakken om uiteindelijk op een 10e plaats in de ranglijst te eindigen. Trainer Ferry Groeneweg zou het einde van dat seizoen niet halen en ook doelman Peter van Veluw moest na een 7-2 nederlaag bij ARC in Alphen aan de Rijn zijn plaats definitief afstaan aan 2e doelman Robert van der Broecke. Maar Rozenburg mocht verder op het hoogste niveau en zou daar nog vele jaren blijven en wie had dat op die gedenkwaardige dag in Arnemuiden gedacht. Al in het 2e seizoen besefte Rozenburg maar al te goed dat het aan de toekomst moest denken en zag kans om een aantal talentvolle jonge spelers naar Rozenburg te halen. Doelman Perry Hoogstand kwam van Meeuwenplaat en was vervolgens niet meer weg te denken uit de hoofdmacht van Rozenburg. Hij verdedigde het doel van de Rood Gelen bijna alle wedstrijden die Rozenburg op het hoogste niveau zou spelen. Hoogstad speelde in die periode zelfs een aantal keren in het Nederlands Amateur-elftal. Ook Jo-Jan van Dokkum, een 16 jarig talent van SC Voorne kwam Rozenburg versterken. En ook Ronald Vermeulen koos in navolging van Perry Hoogstad voor Rozenburg boven zijn cluppie Meeuwenplaat. In die periode was het spelen op het hoogste niveau nog belangrijk voor jonge spelers en kon Rozenburg de geldbuidel nog gesloten houden. De eerste jaren in de 1e klasse en later hoofd klasse speelde Rozenburg met wisselend succes. Maar vooral het derde seizoen waar Rozenburg zich door een 1-2 overwinning, in de laatste wedstrijd van die competitie, in en tegen Heerjansdam kon handhaven op het hoogste niveau werd bijna als een kampioenschap gevierd. Ook bij de trainersstaf waren er de nodige mutatie. Was het Ferry Groenewegen die Rozenburg naar het hoogste bracht en vroegtijdig moest vertrekken en kon ook Herman Hartgers het niet al te lang volhouden bij de Rood Gelen. In Kees Vermunt had Rozenburg een trainer die voor een langere tijd aan Rozenburg verbonden zou zijn. Vermunt, in de wandelgangen wel Kees per punt werd genoemd, bracht Rozenburg resultaat voetbal bij. Uitgaande van een hechte verdediging en het houden van de “Nul” waren voor de sympathieke Brabander bijna heilig. Onder Vermunt maar later ook onder Jan Rab kende Rozenburg haar betere tijden. Er werd een aantal keren plaatsing in de toenmalige KNVB-beker afgedwongen en kwamen de profs van Sparta en Excelsior naar sportpark West. Maar natuurlijk was de wedstrijd tegen Heerenveen, in de 2e ronde van de KNVB-beker met 3500 toeschouwers langs de lijn, het hoogtepunt. Een wedstrijd waar zelfs een samenvatting, in studio sport, op de tv van was te zien. Maar langzaam verdween de gouden generatie en moesten ze op sportpark West toezien dat er steeds meer spelers van buiten het dorp moesten worden gehaald om zich op het hoogste niveau te handhaven. Iets waar ze bij Rozenburg erg aan moesten wennen. Maar desondanks wisten de Rood Gelen het toch nog een fiks aantal jaren vol te houden.


 

10 jaar aan de top

Rozenburg speelde 10 jaar lang, aan één stuk, in het ‘walhalla’ van de zaterdagamateurs en het leek er op dat de club sterk genoeg was om het daar nog een paar jaar vol te houden. De sterkste seizoenen waren 1990/1991, 1994/1995 en het seizoen 1995/1996 waar de Rood Gelen lang meestreden om de titel. De ‘Gouden Generaties’ was inmiddels verdwenen en van een echt Rozenburgse ploeg was allang geen sprake meer. Binnen de vereniging in die tijd een bijna dagelijkse discussie of dit wel de weg was die de vereniging verder moest volgen. Maar het ging goed met Rozenburg en zeker met de komst van trainer Wim Schwillens, die in het seizoen 1994/1995 het roer van Kees Vermunt over nam, leek het er op dat Rozenburg zich definitief ontwikkelde als één van de toppers in de ‘Zaterdag Hoofdklasse’. Schwillens kon oogsten daar waar vooral Kees Vermunt gezaaid had. In het eerste jaar van Schwillens werd er een verdienstelijke 4e plaats bereikt en deed Rozenburg zelfs tot op de laatste wedstrijddag mee om de titel. Ook in het 2e jaar dat de Briellenaar actief was op sportpark West waren de resultaten van een meer dan acceptabel niveau. Met die resultaten verstomde dan ook vaak de discussie. Maar wat bleef waren de vraagtekens hoelang houd Rozenburg stand bij het geld verslindende topamateurvoetbal van Nederland. Door het uitblijven van doorstromend Rozenburg-talent moest steeds vaker een beroep gedaan worden op spelers van ver buiten Rozenburg. Spelers die niet meer een echte binding hadden met de Rood Gelen, alhoewel dat natuurlijk niet voor alle spelers gold. Spelers zoals Roy van Duppen, Jean Paul Martinot, Dennis Sala, Danny Kuppen, Glenn Brown en Dino Lima drogen die periode het shirt van Rozenburg. Maar ook Etienne Shew-Atjon (tegenwoordig prof bij F.C. Utrecht) Mikos Gouka en de huidige trainer van F.C. Dordrecht Jos van Eck waren te bewonderen op sportpark West. Toch zou het uiteindelijk mis gaan met Rozenburg en dat had niet altijd te maken met de resultaten op het veld. In het jubileum jaar waar de Rood Gelen na 7 wedstrijden gewoon op de 2e plaats stonden en alles er op leek dat Rozenburg weer aan een verdienstelijk seizoen bezig was viel het doek. Onenigheid tussen trainer Schwillens en het bestuur over het wel of niet opnemen in de selectie van routenier Jos van Eck luide het einde van een glorieuze periode op het hoogste niveau in. Schwillens verdween vroegtijdig van het toneel en assistent-trainer Francis Janse nam de taken over. Maar het leed was geschied, ook Janse kon de het tij niet meer keren. Rozenburg verkeerde in onrustig vaarwater en zag week na week het onheil naderen. Rozenburg sloot een roemruchte periode uit haar bestaan af, in het seizoen 1996/1997, door degradatie naar de 1e klasse. Aan het einde van dat memorabele seizoen was er een leegloop van spelers. Alleen de spelers met een echt ‘Rood Geel Hart’ bleven de vereniging trouw. Rozenburg kreeg daardoor wel weer een eigen gezicht en even leek het er zelfs op dat de Rood Gelen de schade beperkt zouden kunnen houden door na één seizoen 1e klasse, wat bekroond werd met een kampioenschap, weer terug te keren op het hoogste podium. En, net als in 1987, op eigen kracht. Maar uiteindelijk bleek dat te snel. Rozenburg had dan weliswaar nadat er een flink aantal spelers waren vertrokken weer meer een Rood Geel gezicht gekregen. Zo waren de Rozenburgers Lennaert van Kalker, Ronard Venekamp, Farid Bougrine, Patrick Bekker, Martijn Hamaker en Sander Bosveld nu regelmatig in het eerste team te bewonderen. En speelde Maurice Rijsdijk en Patrick Oosterlee ook regelmatig mee in Rozenburg 1. Maar het kampioenschap in de 1e klasse betekende ook het afscheid van Henri Hecker. Na 17 seizoenen hield ‘Mister Rozenburg’ het voor gezien. Henri Hecker had het allemaal meegemaakt Van het kampioenschap in Arnemuiden tot de degradatie in Huizen en weer een kampioenschap in Ridderkerk in de uitwedstrijd tegen RVVH. Hij was de allerlaatste uit de ‘Gouden Generatie’ die uiteindelijk op 36 jarige leeftijd verkoos om op een lager niveau te gaan spelen en ook assistent werd van de toenmalige trainer Francis Janse. Rozenburg na één seizoen dus weer terug op het hoogste niveau door dat kampioenschap in de ‘Eerste klasse’ in het seizoen 1997/1998, iets dat zelfs Perry Hoogstad die tot dan toe 9 jaar lang het doel van Rozenburg verdedigde nog niet had meegemaakt. Maar voor de jonge in opbouw zijnde ploeg kam dit kampioenschap veel te vroeg. Het verschil tussen de eerste klasse en de hoofdklasse was veel te groot. Rozenburg degradeerde weer direct uit de hoofdklasse en niet alleen dat jaar. De Rood Gelen maakte een vrije val door drie jaar op rij te degraderen en uiteindelijk uit te komen in de 3e klasse waarin de ploeg tegenwoordig acteert. Uiteindelijk speelde Rozenburg (met een onderbreking van 1 jaar) 11 jaar in de top van het Nederlandse amateurvoetbal. Iets waar ze op sportpark West best trots op mogen zijn.

    

 

 

Ton de Groot van voetballer tot sponsorwerver

Het gestencilde informatieblad vermeldde in de uitgave van augustus 1965, dat Ton de Groot in maart 1965 als lid was aangemeld. Ook zijn broers John en Martin hadden zich aangemeld. Ton zou de meest succesvolle telg worden, terwijl zijn vader jarenlang actief was als leider, eerst bij de junioren en later zou hij ook nog brengen tot elftalleider van het eerste elftal.

Ook was hij nog een aantal jaren bestuurslid, maar in november 1968 trok hij zich terug vanwege drukke werkzaamheden. De Groot was een begrip op Rozenburg waar hij een autorijschool had en menige Rozenburger heeft bij hem rijlessen gehad en dat resulteerde in het begeerde rijbewijs. Rozenburg speelde toen nog aan de ‘Kolenpad’ en zou in 1969 het nieuwe complex aan de Laan van Nieuw Blankenburg in gebruik nemen. Het was ook de tijd dat Rozenburg een enorme ledenaanwas kende. Met de twee velden aan de Kolenpad was er een tekort aan velden. Rozenburg speelde in die tijd in de 1e klasse van de RVB. En nu in 2012 voelt hij zich als een vis in het water in de contacten met het bedrijfsleven. Een netwerk dat hij heeft opgebouwd en nog steeds verder uitbreidt. Altijd weer weet hij ondernemers te overtuigen en met resultaat. Tussen 1965 en 2012 is er 47 jaar verstreken. Ton de Groot maakte in zijn jaren in de junioren een succesvolle tijd mee. Het elftal telde een aantal talentvolle spelers, deed jaarlijks in de bovenste regionen mee en bleef ook tot het hoogste A-elftal bij elkaar. Vervolgens stroomden zij door naar de hoogste seniorenelftallen. Ton debuteerde aan het einde van het seizoen 1973 – 1974 en kwam tweemaal in actie, waaronder de laatste competitiewedstrijd op 20 april 1974 thuis tegen Koudekerk. Een kampioenschap – en promotie naar de 2e klasse – was toen nog mogelijk. Het werd een gelijkspel (1-1) en De Zwervers uit Rotterdam IJsselmonde werd kampioen. Met zijn 17 jaar kwam hij zo uit A1 in het eerste elftal terecht.

 

In het 2e elftal

De voorbereiding op het seizoen 1973 – 1974 benutte trainer Frans de Kruis om in het 2e elftal talentvolle A-junioren in actie te laten komen. Op 4 augustus 1973 speelden de reserves in Numansdorp tegen NSVV met Martin Rijneveldshoek onder de lat, terwijl ook Sjaak Andriesse in actie kwam. Na de rust werd hij vervangen door Ton de Groot. Frans Wesbeek, Arie van Vliet en Ton de Groot verzorgden de doelpunten. De gasten wonnen met 1-3. De Groot was nog A-junior en kwam uit in A1 waar zijn vader Tinus de Groot elftalleider was en ook spelers Sjaak Andriesse, Ton Quak en doelman Martin Rijneveldshoek uitkwamen. In competitieverband mocht de 17-jarige De Groot op 3 november 1973 voor het eerst aantreden in het 2e elftal. In eigen huis werd het tegen Vlaardingen 0-0. In het verdere verloop van de competitie verwierf hij zich een plaats bij de reserves.

 

1974 – 1975

Bij het ingaan van het seizoen 1974 – 1975 maakte Ton de Groot deel uit van de A-selectie en verwierf zich een basisplaats in het eerste elftal. In de KNVB 3e klasse (de 1e klasse was toen de hoogste klasse in het zaterdagvoetbal) hadden de volgende spelers hun basisplaats en waren de vertrouwde gezichten bij het eerste elftal: Bob Molendijk (doelman), Peter Rijneveldshoek, Cor van Seters, Jan Hecker, Albert Kuiper, Gerard Doorduin, Jaap Dupon, Ed Euser, Wil van den Eshof, Adrie van Oudheusden Jzn, Eddy de Wit, Wim Westbroek. Daarnaast werd er door trainer Pieren een beroep gedaan op Jan Huizing, Hans de Lange, Cor Vrijlandt, Arno van Dop, Gerrit van Kooten, terwijl aan het einde van het seizoen Kees Teuben en Ton Quak, alsook Cor Vrijlandt hun debuut in de hoofdmacht maakten. Daarnaast was er een eenmalig optreden van Piet van Seters (op 8 maart 1975 thuis tegen Melissant).

1975 – 1976

Onder leiding van trainer Ko van der Velde ging Rozenburg na een turbulente periode het nieuwe seizoen in. In de voorafgaande periode had trainer Piet Pieren nog een seizoen bijgetekend en daar waren een reeks van spelers niet gelukkig mee. Er waren vanwege het aanblijven van Pieren nogal wat spelers die overschrijving hadden aangevraagd. Toen vrij plotseling en verrassend het bericht kwam dat Pieren een contract bij DOTO had getekend en vanaf het seizoen 1975 – 1976 de club uit Pernis zou leiden trok Cor van Seters zijn overschrijving in. Hij had overschrijving naar Excelsior Maassluis aangevraagd. Ton de Groot liet zich in de voorbereiding sportief gelden. Op zaterdag 9 augustus speelde de 3e klasser op sportpark Schiekamp tegen de regerend algeheel amateurkampioen 1975 Spijkenisse en verloor met 5-4. Ton de Groot was goed voor drie doelpunten voor de Rozenburgers en speelde zich misschien toen al ‘in de kijker’.

Vertrek naar Spijkenisse

In mei 1976 vroeg Ton de Groot overschrijving aan naar Spijkenisse. Een niet geringe stap van de 3e naar de 1e klasse, maar blijkbaar zag Spijkenisse het ook wel in hem zitten. Daar kwam bij dat een seizoen eerder doelman Bob Molendijk die stap ook al had gezet en zich van een basisplaats wist te verzekeren. In een interview in de Brielsche Courant had hij eerder dat seizoen al gezegd, dat hij bij Rozenburg niet uit de verf kwam.

Terug bij Rozenburg

Een seizoen later was De Groot alweer terug bij zijn oude club. Het was misschien wel niet geworden waarop hij had gehoopt. Rozenburg was vanzelfsprekend blij met de terugkeer. Het werd echter een teleurstellend seizoen tijdens de laatste jaargang aan de Laan van Nieuw Blankenburg. Samen met Zuidland degradeerden de Rozenburgers naar de 4e klasse.

Sportpark West: begin van de opmars

Als 4e klasser ging Rozenburg van start op sportpark West. Onder leiding van de ambitieuze trainer Aat Lagrand was een meerjarenplan opgesteld. De trainer wist dat er een lichting ‘aan zat te komen’ waar hij mee uit de voeten kon. Spelers die elkaar vanaf de jongste jeugd kenden, bij elkaar waren gebleven en jaarlijks ook kampioen werden beloofde een mooie toekomst voor Rozenburg. Lagrand ging voor het hoogste: Rozenburg in de 1e klasse te brengen toen de hoogste klasse in het zaterdagvoetbal. In 1981 kampioen in de 4e klasse, in 1983 kampioen in de 3e klasse en een jaar later leek de titel in de 2e klasse slechts een formaliteit na een indrukwekkende reeks overwinningen en een enorme voorsprong op de nummer 2. Het pakte anders uit.

Eerste doelpunt in 2e klasse: Ton de Groot

Een historisch moment in de geschiedenis van de voetbalvereniging was het eerste doelpunt in de 2e klasse. Op 10 september 1983 wonnen de gasten bij SHO in Oud-Beijerland met 0-1. In de 71e minuut scoorde Ton de Groot de winnende treffer. En dat mag onder de categorie historische hoogtepunten worden geschaard. Toch eindigde zijn loopbaan in het 1e elftal vrij geruisloos. Op 22 december 1984 – in het 2e seizoen 2e klasse – speelde De Groot zijn laatste competitiewedstrijd uit tegen AZVV in het Zeeuwsvlaamse Axel. Daarvoor had hij nog vier competitiewedstrijden gespeeld. Tussen de trainer – Wim Freriks – en hem klikte het niet en zo ‘scheidden’ hun wegen. Op donderdag 31 januari 1986 speelde Rozenburg op sportpark West vriendschappelijk tegen Sparta. Het was De Groots’ laatste optreden in de hoofdmacht. Op 20 april 1974 debuteerde hij en – met een onderbreking van één seizoen kwam hij op 29-jarige leeftijd daarmee uit op 11 seizoenen.

Voor de RN-cup 1987

Toch kwam hij nog een keer in actie voor het eerste elftal en wel in de strijd om de RN-cup 1987. Tijdens het groots opgezette toernooi door toen nog het Rotterdams Nieuwsblad kwam Rozenburg op dinsdag 31 maart 1987 in de eerste ronde uit tegen Hekelingen. In Hekelingen werd het een 3-2 overwinning voor de thuisploeg. Ton de Groot verzorgde in de 12e minuut de gelijkmaker, maar dat was niet voldoende om de volgende ronde te bereiken.

Afbouwen

In de jaren die volgden was Ton op een lager niveau actief totdat hij zijn actieve carrière afsloot. En toch kwam hij nog wel in actie. Tijdens de traditionele nieuwjaarswedstrijden kwam hij meerdere malen in actie, waaronder ook nog een legendarisch duel waarbij vader Ton tegenover zoon Jordie stond. Of het actief bezig zijn binnen de lijnen nog wel zinvol was. Het was in ieder geval wel een historisch moment in de geschiedenis van de voetbalvereniging Rozenburg.

 

Reageren is niet mogelijk.